Het Joods Historisch Museum
toont t/m 6 maart 2011 een overzicht van het oeuvre van de
Nederlands-Poolse fotograaf Boris Kowadlo. Hij was in de jaren
veertig en vijftig van de vorige eeuw de bekendste en belangrijkste
fotograaf van het joodse leven in Nederland. Deze
fototentoonstelling vindt gelijktijdig plaats met een grote
expositie waarin een beeld gegeven wordt van joods Nederland in de
afgelopen 65 jaar.
De tentoonstelling werd op zondag 28 november
2010 officieel geopend door Flip Bool, hoofd afdeling Collecties
& Onderzoek bij het Nederlands Fotomuseum. Lees hier zijn
toespraak.
Boris Kowadlo (1911-1959), op negentienjarige leeftijd vanuit Polen
naar Amsterdam gevlucht, begon zijn fotocarrière net na de Tweede
Wereldoorlog met indrukwekkende foto's van de vervallen Amsterdamse
jodenbuurt. De opnames, die gepubliceerd zijn in het boek Het
Verdwenen Ghetto, maken duidelijk welke vernietigende
uitwerking de Sjoa heeft gehad, en de leegte waarin de overlevenden
verder moesten. Het vastleggen van de herinnering aan de verdwenen
vooroorlogse wereld bleef ook later een belangrijk aspect in
Kowadlo's fotografie.
Vanaf eind jaren veertig volgde Kowadlo als fotojournalist voor het Nieuw Israëlietisch Weekblad en andere joodse bladen het naoorlogse joodse leven in Nederland. Zijn foto's laten een zwaar getroffen, maar tegelijkertijd veerkrachtige gemeenschap zien, die hard werkte aan herstel en het oppakken van het normale leven. Er spreekt optimisme uit, net zoals de wederopbouwfoto's van andere Nederlandse fotografen uit die periode. Deze opnames vormen nu het belangrijkste tijdsdocument van deze moeilijke periode in de naoorlogse joodse geschiedenis.
Kowadlo werd ook bekend buiten de joodse wereld. De reisreportages die hij maakte in Israël werden in 1958 gepubliceerd in de veelverkochte Contact-Foto-Pocket Dit is Israël. Deze foto's getuigen behalve van zijn grote fotografische talent en vakmanschap ook van geloof in een nieuwe toekomst. Het Stedelijk Museum in Amsterdam kocht in 1958 een aantal van deze foto's aan.
Boris Kowadlo raakte na zijn vroegtijdige dood in 1959 in de vergetelheid bij het grote publiek. Zijn werk kwam terecht bij meerdere musea en archieven. Voor de tentoonstelling in het JHM is zijn oeuvre gereconstrueerd en onderzocht. Tijdens dit onderzoek zijn ook Kowadlo's memoires teruggevonden die hij gedurende zijn onderduik schreef. Vanuit het Jiddisj in het Nederlands vertaald worden deze gepubliceerd in het boek dat verschijnt bij de tentoonstelling.
De expositie in het Prentenkabinet bevat ongeveer 100 zwart-wit foto's, zowel vintage als nieuwe drukken. Een aantal is nooit eerder gepubliceerd. Persoonlijke documenten en foto's, kranten, tijdschriften en boeken vullen de expositie aan. De begeleidende publicatie bevat, naast Kowadlo's memoires, de foto's uit de expositie, zijn levensverhaal en een bibliografie (Uitgeverij Waanders, € 19,95).